kop

Caribisch Netwerk

Inhoud syndiceren
Caribisch Netwerk
Bijgewerkt: 20 min 37 sec geleden

Tolk gebarentaal live bij persconferentie Bonaire: ‘eerste stap naar gelijkheid’

23 oktober 2020 - 10:36am

KRALENDIJK– Bij de persconferentie over de coronamaatregelen op Bonaire was deze week voor het eerst een tolk gebarentaal te zien. “Ik ben heel erg blij dat Bonaire de schouders eronder heeft gezet om dit voor elkaar te krijgen. De eerste stap naar gelijkheid is gezet”, zegt tolk Esther de Veer.

Maxima is één van de dove mensen waar De Veer voor tolkt. Ze heeft de persconferentie
gezien te hebben en zegt nu te begrijpen dat het versoepelen van de maatregelen tijd nodig heeft.

De Veer heeft eerder persconferenties over corona vertolkt, maar dit werd toen niet live uitgezonden. Ze tolkt nu nog vanuit het Nederlands, maar hoopt uiteindelijk ook het Papiaments direct te kunnen vertolken. “Daar krijg ik veel vragen over. Voor nu is dat live nog even niet te doen, maar daar streef ik wel naar.”

Natalia de Grijze krijgt niet alle info mee/Marit Severijnse

Voor doven en slechthorende is het moeilijk om op de hoogte te blijven op Bonaire. Bekijk onze eerdere reportage hierover: Doven Bonaire missen vooral in crisistijd belangrijke informatie

De Nederlandse gebarentaal werd op 13 oktober als officiële taal erkend. “Dat was een heel groot ding. Het lijkt een beetje op de erkenning van het Papiamentu; na jaren lobbyen, zoeken, vragen, werd er een klap op gegeven,” vertelt Esther.

Gebarentaal erkent als taal; wat betekent dit voor Bonaire?

Door deze erkenning kunnen er meer voorzieningen komen voor de dovengemeenschap. Al is het volgens de tolk te vroeg om te zeggen wat dit voor Bonaire betekent. “In Nederland zijn ze nog maar net bezig met de eerste stappen, maar ik ga hierover binnenkort met ze in gesprek. Nederland is benieuwd naar de situatie en wat hier beter kan. Dat is natuurlijk goed nieuws.”

Enorme opkomst verkiezing Statia: PLP absolute winnaar met drie zetels

22 oktober 2020 - 2:29am

ORANJESTAD – Progressive Labour Partij (PLP) heeft de verkiezingen voor de eerste eilandsraad sinds het Nederlands ingrijpen in 2018, gewonnen. Maar de werkelijke winnaar blijkt het volk van Sint-Eustatius dat massaal kwam opdagen: 1.617 mensen brachten een stem uit, een opkomstpercentage van maar liefst 76,93 procent.

Tekst gaat verder onder de video

Door Urisha Blake

Rechelline Leerdam, lijsttrekker PLP – foto: Urisha Blake

“Deze resultaten zijn echt bevrijdend. Iedereen heeft zo hard gewerkt. Dit betekent dat onze boodschap overal is geland. En de mensen van Statia dus heel goed weten wat we willen bereiken voor Statia en onze plannen zijn”, aldus een tevreden PLP-lijsttrekker Rechelline Leerdam. Lijstduwer Clyde van Putten kreeg 171 voorkeursstemmen en daarmee ook het hoogste aantal in deze verkiezingen.

De resultaten worden vrijdag officieel, maar zoals nu bekend heeft de partij met 815 stemmen, 3 van de 5 zetels in de wacht gesleept. Dat is 1 zetel meer dan bij de laatste eilandsraadverkiezingen in 2015.

Bezorgdheid in Den Haag na uitslag
Veel macht hebben de raadsleden nog niet, omdat de Nederlandse regering de komende jaren stap voor stap het bestuur wil overdragen. “In politiek Den Haag was de vurige hoop dat PLP niet de grootste zou worden. De vrees is dat er straks weer geruzie komt”, zegt politiek verslaggever John Samson.

“Het kabinet maakte grote beloftes bij de bestuursovername. Twee jaar later zou die amper zijn waargemaakt is de veelgehoorde kritiek van stemmers.”

Democratic Party (DP), de Nederland-gezinde partij, krijgt met 647 stemmen 2 zetels. Koos Sneek is teleurgesteld. “Ik had wel verwacht dat we zouden winnen. Dat is helaas niet het geval.”

‘Het wordt een uitdaging in de eilandsraad: de verschillen zijn te groot tussen PLP en DP’ – Koos Sneek van DP

Komt er een samenwerking met winnaar PLP? “Ik denk dat het een uitdaging wordt. De verschillen zijn te groot. De ideeën die de PLP op nahoudt zijn duidelijk niet die DP voorstaat. Dus ik weet nou niet goed hoe dat in de praktijk gaat uitpakken.”

Koos Sneek van DP – foto: Urisha Blake

De verkiezingen verliepen ondanks de coronasituatie ‘zonder incidenten’, vertelt waarnemend regeringscommissaris Alida Francis iets na middernacht. “We hoopten dat iedereen verspreid over de dag zou komen om zo ook besmettingen te voorkomen. En dat is gelukt. Dat de opkomst zo hoog zou zijn, dat hadden we niet verwacht.”

‘Hoge opkomst heel opmerkelijk – Marnix van Rij, regeringscommissaris’

Regeringscommissaris Marnix van Rij is zichtbaar blij als hij tegen half 1 de voorlopige uitslag bekendmaakt. “1617 mensen kwamen stemmen en dat is heel hoog gezien de Covid-situatie. Het is bovendien 12 procent hoger dan in 2015 bij de laatste eilandsraadverkiezingen. En van de verkiezingswaarnemers heb ik begrepen dat het ook hoger (zo’n 10 procent) is dan bij verkiezingen onlangs gehouden op andere Caribische eilanden, zoals in Jamaica. Dat is heel opmerkelijk.”

Marnix van Rij maakt de voorlopige uitslag bekend in de Lions Den

Francis wijst verder net als Van Rij eerder deed, op het belang van een straks een goede samenwerking in de eilandsraad. Volgens haar hebben in ieder geval de lijsttrekkers de afgelopen weken aangegeven bereid te zijn dat te doen.

De derde partij United People’s Coalition (UPC) ving met 124 stemmen bot bij de zetels. Van alle stemmen bleken er verder 3o ongeldig en de kiesdeler staat op 370 stemmen. Vrijdag wordt ook bekend hoeveel stemmen de kandidaten hebben gekregen.

‘Als Nederland niet comfortabel is met PLP, dan zijn ze eigenlijk niet blij met wat volk kiest’ – Statiaanse kiezer

Kiezer op Satia – foto: Urisha Blake

Of met winnaar PLP in de nieuwe eilandsraad straks goed samengewerkt kan worden met het Nederlandse bestuur, gezien het verleden van de partij, ziet een Statiaanse kiezer als volgt:

“Als Nederland niet comfortabel is met PLP, dan betekent dat eigenlijk dat ze niet blij zijn met wat het volk heeft gekozen. Het gaat uiteindelijk om de keuze van het volk, wie er ook wint, en dat moet gerespecteerd worden. Het enig dat telt is dat ze samen aan tafel zitten en gaan werken. Met wederzijds respect.”

Regeringscommissaris: ‘moet mogelijk zijn dat Statia sneller democratie terug krijgt’

21 oktober 2020 - 11:51am

ORANJESTAD – Sint-Eustatius kan met de nieuw gekozen eilandsraad voor het eerst in twee jaar na Nederlands ingrijpen, weer invloed hebben op bestuurlijke beslissingen op het eiland. Maar de reikwijdte is wel beperkt door de herstelwet. Want anders duurt het nog langer voordat de Statianen weer zichzelf kunnen besturen, volgens het BES-model zoals nu op Bonaire en Saba.

Regeringscommissaris Marnix van Rij is positief: “Ik denk zelf dat het mogelijk moet zijn om voor de in de wet genoemde einddatum (september 2023) terug te zijn bij de normale omstandigheden. Als wij, dus eilandsraad en regeringscommissaris samenwerken en bewijzen dat we de herstelwet succesvol uitvoeren.”

Hij hoopt in ieder geval dat Sint-Eustatius in maart 2023 al klaar is om net als de andere BES-eilanden Bonaire en Saba weer normale verkiezingen te kunnen houden. “Het zou natuurlijk heel mooi zijn als we dan in de situatie zijn van eilandsraad, gedeputeerden en gezaghebber. Want dan loop je weer mee in het reguliere schema van de verkiezingen van de BES-eilanden.”

De in juli door het Nederlandse parlement aangenomen wet herstel voorzieningen Sint-Eustatius bepaalt wat er op het eiland moet gebeuren (12 criteria) voordat Sint-Eustatius weer het zelfbestuur terugkrijgt van Nederland. De voorwaarden voor de eerste fase zijn nu voldaan, vandaar het uitschrijven van de verkiezingen voor de eilandsraad.

Die kan dus weer het door Nederland aangestelde bestuur (regeringscommissaris) controleren en ook invloed uitoefenen. Maar de raadsleden zijn daarbij wel gebonden aan de criteria en doelen van die wet. Als die niet uitgevoerd worden, dan duurt het nog langer voordat het eiland weer een eigen bestuur krijgt.

Van Rij mikt op samenwerking en consensus met de nieuw gekozen eilandsraad: “Samenwerken betekent dus ook dat ieder zijn eigen verantwoordelijkheid neemt. Maar dat je uiteindelijk wel op consensus gericht bent. Want anders, als er vertraging komt, om wat voor reden dan ook – daar ga ik niet vanuit en in ieder geval dat is niet onze instelling- ja dan is de wet ook heel duidelijk: als je je doelen niet realiseert, ga je ook niet naar de volgende fase.”

‘ Samenwerking en consensus met nieuw gekozen eilandsraad’

Het eerste wat hij wil bereiken met de nieuwe eilandsraad is om een gezamenlijk plan met een tijdpad te maken. “Ook waar je dat plan dus op afmeet, want in wezen moeten we de wet uitvoeren, zodat deze beëindigd kan worden. Want dan heb je weer volle democratie.”

Van Rij is er niet mee eens dat de nieuwe eilandsraad straks alleen over de details kan meepraten, omdat die herstelwet dicteert.

“De eilandsraad heeft wel degelijk veel te zeggen vanaf dag 1. Dus het wordt gewoon een hele mooie boeiende tijd voor de toekomst van Statia. Want er wordt natuurlijk ontzettend veel in het eiland geïnvesteerd.”

http://download.omroep.nl/ntr/diversiteit/caribischnetwerk/audio/rijstatia.mp3 Marnix van Rij over de nieuwe eilandsraad

Download de audio hier
.

Verkiezingen Sint-Eustatius: ‘we doen niet mee voor de show’

20 oktober 2020 - 5:45pm

ORANJESTAD – “Opvallend dit keer is dat we sinds een hele lange tijd weer twee vrouwelijke lijsttrekkers hebben”, zegt Urisha Blake, docent en bekende blogger op Sint-Eustatius. “De vraag is echter, hebben ze straks ook écht wat te zeggen. Want de politiek hier is vooral gedomineerd geweest door mannen.”

2102 Statianen (totaal aantal inwoners: 3383) mogen deze woensdag hun stem uitbrengen voor een nieuwe eilandsraad voor de komende 2,5 jaar. In eerste instantie leek er weinig animo, zegt Blake. “Veel mensen dachten: we gaan niet stemmen want de nieuwe eilandsraad heeft straks toch niets te zeggen over het bestuur.”

Vanwege corona werd er amper campagne op straat gevoerd, wel online – foto: Urisha Blake

Maar volgens haar is dat inmiddels veranderd. Ook omdat de grote partijen zoals PLP zich hebben gerealiseerd dat ze straks in de eilandsraad meer macht hebben dan ze eerst dachten. “Oude partijprominenten als Franklin Brown roepen nog steeds op om niet te stemmen. Maar Rechelline (Leerdam, lijsttrekker van PLP) heeft gezegd dat zij en ook anderen in haar partij van gedachten zijn veranderd. Dus nu hoor ik van steeds meer Statianen dat ze toch gaan stemmen. Zo van: something is better than nothing at all.”

In een interview met Blake zegt Leerdam dat de reden om aan deze verkiezingen toch mee te doen, in eerste instantie ‘ meer transparantie voor het volk’ was. “De afgelopen twee jaar onder Franco (de vorige door Nederland aangestelde regeringscommissaris, red.) kregen we geen enkele informatie. Dus we zeiden: we willen nu wel aan tafel (in de eilandsraad) zodat we ten minste uit eerste hand informatie gaan krijgen en zo de samenleving wél de transparantie kunnen geven over wat er allemaal wordt besloten.”

verkiezingslijst PLP -foto: Urisha Blake

Maar nu blijkt dat de nieuw verkozen eilandsraad meer bevoegdheden krijgt, is de partij helemaal overstag. “We hebben met Van Rij gesproken (huidige regeringscommissaris, red.) en begrepen dat we in deze fase als eilandsraad moties mogen indienen. Ik dacht toen: wow, dat is interessant! En we hebben ook vragenrecht, interpellatierecht. Dus we kunnen het bestuur straks weer verantwoordelijk gaan houden.” En het verantwoordelijk houden van politici maar ook bestuurders, is voor een democratie het belangrijkste, vindt Leerdam.

De eilandsraad bestaande uit vijf zetels kan na 21 oktober voor het eerst, sinds het Nederlandse ingrijpen twee jaar geleden, het lokale bestuur grotendeels weer controleren. Dat bestuur blijft voorlopig nog wel bestaan uit een (door Nederland aangestelde) regeringscommissaris, in plaats van lokaal gekozen gedeputeerden en een gezaghebber. Dus Sint-Eustatius heeft na deze verkiezingen nog steeds geen volledige democratie. ‘We doen niet mee voor de show’

Aan de verkiezingen doen drie partijen mee: Democratic Party (DP), Progressive Labour Party (PLP) en United People’s Coalition (UPC) met in totaal 26 kandidaten. Volgens Blake is dus bij deze verkiezingen opvallend dat vrouwen hoog, op verkiesbare posities staan; bij de twee grootste partijen zijn vrouwen zelfs lijsttrekker.

De lijst van Democratic Party – foto: Urisha Blake

Zoals bij DP met 12 kandidaten op de lijst. Maar Raquel Spanner-Carty, nummer 5 op deze lijst is hiervan niet onder de indruk. “ Ik zag nooit het verschil. Omdat ik het nooit zag als onmogelijk, ben ik niet onder de indruk van wat we bereikt hebben. Want het was altijd al mogelijk. Wat wij als vrouwen wel nieuw aan tafel brengen, is multitasking. We doen dat zo goed, zo goed.”

Rechelline Leerdam is lijsttrekker van PLP, met 11 kandidaten. De partij is altijd getrokken door mannen, de afgelopen 20 jaar door Clyde van Putten. Van Putten trok zich eerder publiekelijk terug als leider, maar staat nog steeds als prominente lijstduwer op nummer 11.

“Het idee daarbuiten is inderdaad dat hoewel ik frontrunner ben, meneer Van Putten straks het leiderschap weer overneemt. Dat is niet het geval. Het zal even duren voordat iedereen is gewend, speciaal voor de PLP want we hadden hem 20 jaar als leider. Maar na verloop van tijd zullen mensen zich realiseren dat er echt een nieuw leiderschap is. En zien ze dat ik er niet voor de show zit”, aldus Leerdam.

‘ Ik wil empowerment van vrouwen aan tafel brengen’

De kleinste partij UPC met drie kandidaten heeft op nummer 2 Carmen Nova staan en zij zegt over vrouwelijke politici: “Ik wil empowerment van vrouwen aan de tafel brengen. Vrouwen aanmoedigen, dat je alles kan doen, alles mogelijk is als je dat wilt.”

kandidatenlijst United People’s Coalition – eigen foto

Ze is er niet mee eens dat vrouwelijke politici een minder belangrijke rol spelen in de besluitvorming. “In onze partij hebben we dat niet. Iedereen is gelijk. Misschien dat sommigen meer ervaring hebben in de politieke arena. Maar dat wil niet zeggen dat er geen zware verantwoordelijkheden naar ons gedelegeerd wordt omdat we een mannelijke leider hebben.”

Kort geding tegen Caribische hervormingsentiteit afgewezen

19 oktober 2020 - 10:14am

PHILIPSBURG – De Sint-Maartense stichting Pro Soualiga Foundation heeft het kort geding tegen de Nederlandse staat verloren. De stichting vocht de Caribische hervormingsentiteit (CHE) aan, wat een vereiste is van Nederland voor Sint-Maarten om geld te kunnen lenen.

Met de CHE, heeft Den Haag invloed op hoe het geleende geld uitgegeven wordt. Renate Brison, secretaris van de stichting, noemt de CHE een inbreuk op de autonomie van Sint-Maarten. “De voorwaarden die Nederland stelt aan de lening zijn daarom onrechtmatig”, zegt Brison.

Sint-Maarten heeft door de coronacrisis hard geld nodig, maar ook de regering gaat niet akkoord met de voorwaarden die Nederland stelt aan de lening. Ondertussen heeft de regering in Philipsburg geprobeerd via een obligatielening geld te lenen: 75 miljoen gulden tegen 5 procent rente.

Kort geding afgewezen
Volgens de uitspraak kan de stichting, die los van de Sint-Maartense regering het kort geding aanspande, de urgentie voor hun zaak niet aantonen. Ook het vermogen van het Gerecht in Eerste Aanleg om de Nederlandse staat te verbieden het wetsontwerp voor de CHE door te laten gaan, is een reden voor het afwijzen van het kort geding.

Nathaniel Arrindel moet noodgedwongen uitwijken naar de Franse kant van Sint-Maarten

Staatskas Sint-Maarten bijna leeg

De zorgen onder Sint-Maartenaren lopen op. Zonder werk ben je op Sint-Maarten aangewezen op een uitkering van ongeveer 550 gulden. Dat is een derde van het minimumloon. Lees de verhalen van Sint-Maartenaren.

De stichting wil de voorwaarden van de Nederlandse coronahulp nu via de Verenigde Naties aan te vechten. “Er zijn duidelijke aanwijzingen dat de Nederlandse staat weigert de ontwikkeling en voortgang van de Nederlandse eilanden in het Koninkrijk te garanderen. Onder andere door middel van controleorganen zoals de CHE”, zegt Brison.

Geldigheid Statuut
Een andere zaak – volgens Brison de ‘hoofdzaak’- over de geldigheid van het Koninkrijk Statuut, loopt nog bij rechtbank. Het Statuut zou volgens Brison niet in overeenstemming zijn met het recht op zelfbeschikking van voormalige koloniën, zoals verklaard door de Verenigde Naties in 1955.

De stichting wil samen met de regeringen van Aruba en Curaçao een ‘bewustmakingscampagne over de inbreuk om autonomie van de eilanden’ opzetten.

Meer over deze zaak

Deze zaak betekent meer dan alleen een vuist tegen de CHE. De stichting is voorvechter van het zelfbeschikkingsrecht en een voorstander van verdere dekolonisatie door Nederland. Lees meer hier.

Wat er gebeurt met jongeren als Jeffrey als de rechter wil helpen, maar justitie niet

15 oktober 2020 - 10:23pm

ORANJESTAD – “Iedereen deed de deur dicht. Zijn leven bestaat uit opsluiting en verder niets. Maar hij heeft dringend hulp nodig. Dat zegt ook de rechter. Hoe meer je hem opsluit zonder hulp, dan gaat hij steeds ergere dingen doen.”

Lucila Dirksz vertelt over haar 20-jarige zoon Jeffrey die na amper drie maanden uit de Arubaanse gevangenis KIA, weer vastzit. Hij zou nu iemand hebben neergeschoten. Ze is niet verbaasd dat haar zoon verder ontspoort als crimineel: Jeffrey heeft als minderjarige niet de hulp gekregen die de rechter wél in 2018 oplegde.

Toen maakte het gerecht zich al zorgen: Jeffrey had op zijn 16e en 17e al een serie ernstige misdrijven gepleegd. Waaronder verkrachting van een jogger onder bedreiging van een vuurwapen, doodsbedreigingen van zijn moeder en oma en het plan om toeristen te gaan beroven. Deskundigen concludeerden dat de kans op herhaling en verder crimineel ontsporen heel hoog is, als hij niet de juiste hulp krijgt.

Voor de veiligheid van anderen en hemzelf, moest Jeffrey daarvoor naar een inrichting voor jeugdigen (PIJ) aldus de rechter, waar hij die hulp eindelijk zou krijgen. Want hoewel Arubaanse instanties niet verantwoordelijk waren voor zijn gedrag, concludeerde de rechter toen wél: ze hadden gefaald in bieden van juiste hulp en begeleiding.

Jeffrey, nadat hij was vrijgelaten – foto: Lucila Dirksz

‘Mama, ik wil een toekomst’

Jeffrey komt uit een gezin met grote sociale problemen; verslaving, criminaliteit. Moeder Dirksz: “Mijn kinderen werden van mij afgenomen. De andere twee zitten nog in pleeggezinnen en dat is altijd goed gegaan. Maar Jeffrey maakte altijd problemen, want hij wilde bij mij zijn. Geen pleeggezin of tehuis kon hem tegenhouden, hij vocht zich eruit.”

Als hij negen is, gaat hij naar een pleeggezin in Amerika. Na drie jaar gaat het mis. “Er is daar iets gebeurd. Wat weet ik niet, dat heeft hij nooit verteld. Maar hij kwam terug met een litteken in zijn gezicht, rare gedachten, echt anders. Hij ging honden doden, kippen. Vonden we een poot hier, een kop daar, heel wreed en angstaanjagend. Daarom heeft mijn zoon echt hulp nodig. Maar terug op Aruba, nergens wilden zij hem helpen.”

Jeffrey wil zelf ook die hulp. Dat blijkt uit het vonnis van 2018, en ook nu nog. “Hij heeft amper school gehad en kan zich niet redden in de wereld. Dat weet hij, daarom wil hij hulp en een opleiding. Dat zegt hij mij ook nog steeds: Mama, ik wil een toekomst.”

Lucila Dirksz – eigen foto

Aruba heeft geen PIJ-instelling. In gevangenis KIA is er een jeugdafdeling maar daar is geen hulp en begeleiding voor jongeren als Jeffrey. Hij zou na het vonnis in 2018 dus naar Nederland worden gestuurd. “We hebben maanden gewacht. Ik ging nog vragen of ik iets moest bijdragen, maar ze zeiden dat de overheid alles zou betalen. Toen hij na een jaar nog in het KIA zat, wist ik het al: ze gaan weer niets voor hem doen”, zegt moeder Dirksz.

De Arubaanse justitie heeft het vonnis nooit uitgevoerd. Na twee jaar zonder de juiste hulp te hebben gekregen, komt Jeffrey in juni vrij.  “Hij was eerst rustig, praatte niet veel. Maar na een paar maanden, begon ik weer te merken: hij is niets veranderd. En toen explodeerde hij dus weer.”

Bekend probleem, oplossing blijft uit
Jeffrey blijkt niet de enige; er zijn meer Arubaanse jongeren voor wie de rechter de PIJ-maatregel oplegt maar justitie die vervolgens niet uitvoert. Het is een bekend probleem; zelfs al voor de invoering van de maatregel (met het nieuwe jeugdstrafrecht in 2014) concludeerden deskundigen dat er nog veel moest gebeuren. Alleen als de Caribisch-Nederlandse eilanden samenwerken, ook met Nederland erbij, is een jeugdinrichting haalbaar en betaalbaar, bleek uit onderzoek.

De vraag is waarom na zes jaar er nog steeds geen structurele oplossing is. En waardoor jongeren als Jeffrey kunnen blijven ontsporen.

Andin Bikker, de huidige justitieminister van Aruba erkent het probleem en zegt dat hij het daarom op de agenda van het laatste justitieel overleg van de landen in het Koninkrijk heeft gezet. Hij zegt dat een werkgroep zich er mee bezig houdt.

Behandeling te duur
Maar op vragen waarom een oplossing al jaren duurt, komt Bikker met dezelfde argumenten als zijn voorgangers: uitvoeringsproblemen, gebrek aan samenwerking én vooral de kosten. Of het te duur is om jongeren als Jeffrey te behandelen en daarom justitie dus de vonnissen niet uitvoert, daarop blijft de minister ontwijkend antwoorden. Maar uiteindelijk geeft hij wel het volgende toe:

“De PIJ-maatregel is theoretisch heel mooi: iemand heeft dat bedacht maar de uitvoering is zo ontzettend ingewikkeld. Want het zijn de kosten per dag en per maand voor behandeling van één iemand. In vergelijking met iemand die geen PIJ-maatregel heeft opgelegd gekregen en in KIA verblijft, is dat gewoon onevenredig groot.”

Autonoom Curaçao: ‘Waarom zo’n haast toen, we waren er helemaal niet klaar voor’

14 oktober 2020 - 7:49pm

WILLEMSTAD – “Ik begrijp niet waarom wij zo’n haast hadden om een autonoom land te worden want we waren er nog helemaal niet klaar voor. Het is bewezen dat we dit niet kunnen. De afgelopen tien jaar zijn we niet vooruit gegaan.”

Dat concludeert maatschappelijk werker Coraline Kooistra na tien jaar Curaçao als autonoom land. En ook andere professionals uit het onderwijs, handhaving en sociale sector delen die conclusie.

‘We hebben de sociale situatie onderschat en verwaarloosd’

“Wij hebben de sociale situatie verwaarloosd op het eiland. We hebben de situatie onderschat en we hebben niet genoeg gedaan om de sociale situatie beter te maken, omdat er te veel problemen waren binnen de overheid. En dat is niet gezond voor de algemene welvaart van een land.”

De maatschappelijk werker komt veel armoede tegen. “Als je ouders hebt die geen baan hebben, dan kom je op het eiland zonder financieel en sociaal vangnet in een heel slechte situatie terecht met het hele gezin.” Voorbeelden hiervan heeft Kooistra ten over. “Er zijn zoveel gezinnen die geen huur meer kunnen betalen, dus ze gaan gewoon bij familieleden wonen, vaak bij de opa’s en oma’s. Maar deze woningen zijn vaak in slechte toestand en niet geschikt voor grote gezinnen met kinderen.”

Kooistra komt regelmatig bij families waar op de vloer wordt geslapen. “Ze hebben geen bedden, er is te weinig voedsel en ze hebben geen meubilair. Er zijn gevallen waarbij de kinderen echt helemaal niks hebben. Wij moeten helpen met kleren en naar school sturen.”

Maghalie van der Bunt-George- foto: Kim Hendriksen

‘Voor het onderwijs zijn we in plaats van vooruit, 10 jaar achteruit gegaan’

In het onderwijs is de situatie in de afgelopen tien jaar  alleen maar verslechterd, vindt Maghalie van der Bunt-George, directeur bij scholengemeenschap Vereniging voor Protestants Christelijk Onderwijs (VPCO). Onder andere omdat er al die jaren niet meer is geïnvesteerd. Zo zijn de schoolgebouwen niet onderhouden en stamt het lesmateriaal uit 2003.

http://download.omroep.nl/ntr/diversiteit/caribischnetwerk/audio/onderwijscuracao.mp3 Maghalie van der Bunt-George over het onderwijs

Download de audio hier
.
“Niet alle leerlingen hebben op Curaçao dezelfde kansen.” Terwijl volgens de directeur ieder kind binnen het Koninkrijk hetzelfde niveau onderwijs moet krijgen en gelijke kansen.
Het eiland moet af van alle plannen en adviseurs, vindt ze bovendien. “We moeten meer hands-on werken. Hoe komt het dat we niet in staat zijn geweest om de afgelopen tien jaar de veranderingen door te voeren? Daar moeten we naar kijken en het probleem bij de kern aanpakken.”

Tico Ruiter – foto: Kim Hendriksen

‘Welke zaken bij de politie zijn opgeschoten? Ik kan ze niet vinden’

Na 35 jaar heeft Tico Ruiter zijn baan bij het Korps Politie Curaçao (KPC) opgezegd. “Op je hamvraag waar zijn we sinds 2010 mee opgeschoten? Niks, nergens, nul, zip.” Volgens Ruiter ligt dit niet helemaal aan de organisatie.

http://download.omroep.nl/ntr/diversiteit/caribischnetwerk/audio/politiecuracao.mp3 Tico Ruiter over de politie

Download de audio hier
.

Jeanne Henriquez – foto: Kim Hendriksen

‘Hopelijk leren we een les. Dat we het zelf moeten doen en niet naar Nederland blijven kijken’

Jeanne Henriquez, voorzitter van Fundashon Alisansa, ziet de situatie met de dag verslechteren. Afgelopen week nog heeft de stichting de noodklok geluid vanwege toenemend huiselijk geweld.
Zij zou het liefst zien dat er een ‘participatiemaatschappij’ op het eiland komt, waarin niet meer naar Nederland of een ander land wordt gekeken, maar waar mensen op het eiland zelf hun verantwoordelijkheid nemen.

“Hopelijk leren we als bevolking een les. Dat is dat wij de stilte moeten doorbreken op allerlei terreinen. En het gaat vooral om onze eigen overlevering. En dat betekent dat je het zelf moet doen.”

http://download.omroep.nl/ntr/diversiteit/caribischnetwerk/audio/sociaalcuracao.mp3 Jeanne Henriquez over 10-10-’10

Download de audio hier
.

Tien jaar Caribische gemeenten: steeds meer verbeteringen, maar welvaart blijft uit

13 oktober 2020 - 2:54pm

DEN HAAG – Tien jaar geleden kozen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius om een gemeente te worden van Nederland, in de hoop dat ze meer welvaart zouden krijgen. Wat heeft dat politiek gezien opgeleverd?

Als het kabinet nieuwe plannen aan de Tweede Kamer presenteerde, werden Bonaire, Saba en Sint-Eustatius vaak vergeten. “Hebt u ook aan Caribisch Nederland gedacht?”, was een vraag die D66-Kamerlid Antje Diertens opvallend vaak aan ministers ging stellen

Veel bewindslieden wisten geen antwoorden op de vragen. Ook niet tegenover de pers, zoals minister Eric Wiebes (Economische Zaken & Klimaat). Onder zijn regie dreigde elektriciteit duurder te worden op de eilanden. “Maar daar weet ik onvoldoende over”: 

Wie komt in Den Haag nou voor de Caribische inwoners op? In de Tweede Kamer zijn het maar enkele partijen die vaak van zich laten horen en zien: VVD, SP, D66, GroenLinks, CDA en PvdA.

Boosheid in de Tweede Kamer om Saba
Saba presteerde opvallend goed op het gebied van hun financiën en hun gemeentelijke taken uitvoeren. De gemeente wil meer zelf kunnen doen, net zoals die in Europees Nederland. Maar werd daarin vooral tegengewerkt vanuit het kabinet, vindt de Tweede Kamer.

Saba is zelf bang om kritiek te uiten, maar SP-Kamerlid Ronald van Raak sprak zich fel uit tegenover het kabinet:

Water uit de kraan? Niet vanzelfsprekend
Zoiets simpels als water uit de kraan, blijkt in een Nederlandse gemeente toch niet zo vanzelfsprekend. GroenLinks-Kamerlid Nevin Özütok sloeg met verschillende Kamervragen alarm over de schrijnende situatie op Sint-Eustatius:

Er werden in de afgelopen paar jaren meer Kamervragen gesteld over Bonaire, Saba en Sint-Eustatius. Kamerleden hebben ook beter contact met Caribische politici, zien gedeputeerden (wethouders) van de eilanden.

Het grootste probleem: armoede en huisvesting
Armoede is onder de regie van Den Haag juist toegenomen in Caribisch Nederland, ziet Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen. Hij sloeg in de afgelopen jaren vaker alarm in Den Haag. Honderden ouderen gaan daar geregeld met een lege maag naar bed, blijkt uit zijn onderzoek.

De lokale verkiezingen op Bonaire draaiden ook om dit thema. Gedeputeerde Nina den Heyer (Sociale Zaken) kwam erachter dat zij op haar eigen eiland zelf niet voldoende macht heeft om armoede te kunnen bestrijden. Ministeries die op 8.000 kilometer afstand zitten, willen zelf aan de knoppen zitten, terwijl gemeenten in Europees Nederland wel hun eigen gang mogen gaan.

Nog een verschil: het bedrag wat iemand minimaal nodig heeft om te kunnen overleven, is pas na negen jaar vastgesteld voor de eilanden. De Eerste Kamer was het zo zat, dat staatssecretaris Knops (Koninkrijksrelaties, CDA) en Van Ark (Sociale Zaken, VVD) opnieuw naar de zaal werden teruggeroepen. Het gebeurt niet vaak dat de senatoren zich zo fel uitspreken.

Veel lof voor staatssecretaris Knops

Ondanks alle kritiek en vernietigende rapporten, is er vanuit de Caribische en Haagse politiek veel lof voor één bewindspersoon: staatssecretaris Raymond Knops (Koninkrijksrelaties, CDA). Kamerleden, raadsleden en gedeputeerden vinden dat hij veel meer stappen heeft gezet dan al zijn voorgangers bij elkaar.

Ook vinden zij dat Knops veel beter de Kamer en pers informeert. Vanuit de Caribische politiek wordt er gezegd dat hij veel beter luistert, duidelijk is in zijn communicatie en meer interesse toont voor de bevolking.

Bevolking verandert op eilanden
Op straat vallen vooral drie dingen op: dat de infrastructuur verbeterd is, er meer huizen zijn gebouwd en dat er meer buitenlanders zijn. Bijna negen op de tien inwoners van Bonaire is een migrant. In 2010 had het eiland zo’n 15.500 inwoners, tien jaar later wonen er 21.000 mensen.

‘Nauwelijks wat geleerd, te weinig stappen gezet’

In 2015 werd er door de Commissie-Spies gekeken naar wat de gemeente-status Bonaire, Saba en Sint-Eustatius hebben opgeleverd. Oud-minister Liesbeth Spies, die het onderzoek leidde, velt in 2020 opnieuw een vernietigend oordeel: “Teleurstellend dat er nauwelijks van het rapport is geleerd. Niet door de ministeries en ook niet door de eilanden.”

“Ten aanzien van de armoedebestrijding zijn nu weliswaar wat stappen gezet, maar het is te weinig en gaat te langzaam”, zegt ze in het boek Koninkrijk op Eieren (2020). “Van de noodzakelijke versterking van de coördinerende rol van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is niet veel terechtgekomen. De eilanden hebben het net zo goed laten liggen.”

Onderwijs en gezondheid fors verbeterd
Op het gebied van onderwijs en gezondheid zijn er flinke stappen vooruit gezet. Mensen zijn beter verzekerd, er betere voorzieningen gekomen en er zijn meer medische experts op de eilanden. Ook de spoedeisende hulp en psychische zorg zijn opvallend beter geworden, ziet de inspectie.

De kwaliteit van het basis- en voortgezet onderwijs is in de afgelopen jaren flink verbeterd. Vooral op Sint-Eustatius zijn er forse sprongen gemaakt: betere prestaties van scholen en er is minder schooluitval. Na tien jaar wordt de kinderopvang eindelijk aangepakt.

Veel meer aandacht voor natuur
Ook dieren hebben minder rechten in de Caribische gemeenten. Maar de natuur staat veel beter op de agenda van de eilanden én die van Kamerleden, concludeert wetenschapper Stacey MacDonald. “Haaien, koraalriffen en mangrovebossen worden beter beschermd. Er is ontzettend veel onderzoek verricht, veel kennis beschikbaar. Er wordt veel meer samengewerkt.”

“Politici spreken zich vaker uit, dat is heel positief. Maar zij zullen nog ontzettend veel moeten doen om de natuur te kunnen beschermen”, waarschuwt MacDonald. “Den Haag heeft voor de korte termijn weliswaar 16 miljoen vrijgemaakt, maar dat is gewoon niet genoeg voor de drie eilanden. Er moet minimaal voor twintig jaar geld worden veilig gesteld.”

‘Koninkrijk garandeert geen welzijn voor Sint-Maarten, voor of na 10-10-’10’

12 oktober 2020 - 6:10pm

PHILIPSBURG – De afgelopen tien jaar is een ‘overwinning geweest voor Sint-Maarten’, vindt minister-president Silveria Jacobs. Sint-Maarten is het enige eiland dat een (virtuele) viering voor 10-10-’10 heeft georganiseerd met prominenten en vele artiesten.

Jacobs benadrukt dat velen op het eiland de autonomie als vanzelfsprekend nemen, maar dat er wel degelijk een strijd is geweest. Die bovendien anders was dan voor Curaçao. “Daar was al een overheidsinfrastructuur omdat de Antilliaanse regering er zetelde (sinds 1954). Maar op Sint-Maarten was er niets, we moesten alles vanaf nul opbouwen.”

Niet iedereen ziet na tien jaar echter vooruitgang. Dat komt omdat in het Koninkrijk ook na 10-10-10 de ongelijkheid tussen de landen is blijven bestaan. Zo blijkt tijdens een webinar van de Universiteit van Sint-Maarten over hoe het met de mensenrechten voorstaat in het Caribische deel van het Koninkrijk.

Volgens Lisenne Delgado, onderzoeker aan de Universiteit Utrecht trekken de eilanden aan het korte eind als het gaat om bescherming van de mensenrechten. “Omdat de grondwet van Sint-Maarten ondergeschikt is aan het Koninkrijksstatuut, blijft Nederland bepalen wat wél of niet wordt beschouwd als mensenrechten op Sint-Maarten.”

Ook de meningen op straat of 10-10-’10 voor Sint-Maarten wel een goede stap was, blijven verdeeld:

Tekst gaat verder onder de video

Door Tim van Dijk

Delgado vervolgt: “Als de rechten van een Sint-Maartenaar door het Koninkrijk worden geschonden, kan dit alleen aangevochten worden bij een internationaal tribunaal. Denk aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens of de Verenigde Naties. Het Koninkrijk heeft namelijk geen rechtspersoonlijkheid om voor het hof te mogen verschijnen.”

Dat betekent volgens de onderzoeker dat vooruitgang alleen mogelijk is als landen als Sint-Maarten dezelfde rechtspositie krijgen binnen het Nederlandse stelsel.

‘Het Koninkrijk is zelf een bron van onderdrukking’-Ryçond Santos do Nascimento, docent staatsrecht

Ryçond Santos do Nascimento, docent staatsrecht aan de Universiteit van Curaçao gelooft dat het rechtssysteem in het Koninkrijk niet voor gelijke kansen zorgt. “Het Koninkrijk zal onderdrukkende huishoudens, werkplekken en instanties blijven voortbrengen, omdat het zelf een bron is van onderdrukking.”

webinar over mensenrechten na 10-10-’10

Kinderverwaarlozing en intimidatie op de werkplek binnen Caribische gemeenschappen zijn voor Santos do Nascimento dan ook ‘symptomen van gemeenschappen die de mensenrechten niet omarmen’.

Onder armoedegrens
Mensenrechtenactivist Raymund Jessurun haalt een arbeidsonderzoek uit 2018 aan als voorbeeld van de ongelijkheid. Driekwart van de huishoudens in Sint-Maarten leeft onder de armoedegrens volgens dat onderzoek, en tienduizend mensen zitten zonder baan.

“Stel je eens voor wat de uitkomst is, als we dit onderzoek nu over zouden doen tijdens de coronacrisis. We zitten dan op het dubbele. Dat is gewoon een schending van artikel 43.1 van het Statuut, dat de mensenrechten van elke burger in het Koninkrijk moet garanderen. Het Koninkrijk heeft de kwaliteit van leven dus voor of na 10-10 niet gegarandeerd.”

Succes met kinderrechten
Jonneke Naber, beleidsmedewerker bij het College voor de Rechten van de Mens, spreekt wel over vooruitgang voor de kinderrechten. Ze is vooral positief over het ‘succes’ van de bewustwordingscampagne over de Unicef-kinderrechten op alle eilanden.

“Ik denk dat we vooruitgang hebben geboekt door langs scholen te gaan en te werken aan de veiligheid van kinderen. Er moet nog veel gebeuren. Maar er is zeker verbetering.”

‘Waar willen we zijn over 10, 20, 30 jaar’- premier Silveria Jacobs

Premier Jacobs vindt dat het nu een goed moment is voor Sint-Maarten ‘om te reflecteren, om te kijken naar waar we nu zijn en om plannen te maken voor waar we willen zijn in de komende tien, twintig en dertig jaar’.

http://download.omroep.nl/ntr/diversiteit/caribischnetwerk/audio/silten.mp3 Premier Silveria Jacobs over tien jaar 10-10-
10

Download de audio hier
.

Bonaire tien jaar een gemeente van Nederland: een decennium van protesten

11 oktober 2020 - 3:43pm

KRALENDIJK – “Bonaire heeft nooit voor de status van bijzondere gemeente of integratie gekozen. Het volk wees dit zelfs af in een referendum in 2015”, zegt James Finies van ‘Nos ke Boneiru Bèk’ (Wij willen Bonaire terug).

Het is 10 jaar geleden dat Bonaire een bijzondere gemeente van Nederland werd. Nog steeds is er protest tegen de huidige staatkundige status van het eiland. Ook nu er vooruitgang geboekt is in sociale voorzieningen zoals kinderbijslag en verhoging van het minimumloon, ouderdomspensioen en onderstand (red.bijstand).

In 2015 heeft twee derde van de Bonairianen ‘nee’ gestemd tegen de huidige band met Nederland. De opkomst was te laag, het referendum was niet geldig. Er moest een tweede referendum volgen, daar is het nog niet van gekomen.

‘Geen voorruitgang voor de Bonairiaan’
Nochi Willem van Fundashon Bon Gobernashon (Stichting Goed Bestuur) vindt dat de Bonairiaan nu de ‘zure’ vruchten van de staatkundige verandering plukt. Volgens hem wordt de lokale Bonairiaan in de huidige situatie benadeeld. ”Buitenlanders bekleden de hoge functies op Bonaire. Je ziet de Bonairiaan werken als tuinman of schoonmaakster.”

Protestbord met de tekst ‘Minder Nederlanders’. Archief uit 2015: Janita Monna

Ondanks de verbeteringen op het terrein van onderwijs en justitie blijft Willem sceptisch. “We hebben nu een moderne gevangenis, maar voor wie? Voor onze eigen jongeren die in het huidige onderwijs mislukt zijn.”

Het onderwijs op Bonaire moest na 10 oktober 2010 snel naar Nederlands niveau, maar voor veel jongeren is Papiaments hun eerste taal en kan het meekomen in het Nederlandse onderwijs lastig zijn.

De politicus Suzy Thode (Lista Suzy Thode) is ook niet optimistisch over de huidige situatie. “Men praat over vooruitgang van Bonaire terwijl we moeten stilstaan bij de toename van de sociale problemen op dit eiland”, zegt ze. Uit verschillende onderzoeken van onder andere de Ombudsman blijkt dat de armoede juist is gestegen sinds 10-10-’10.

‘Bonairiaanse cultuur aangetast’
Willem vindt dat zowel de identiteit als de normen en waarden van het volk bedreigd worden. “Ons volk is ontevreden en minder tolerant geworden. Dit is niet gezond voor de Bonairiaan, het gevoel van niet de baas zijn in eigen huis”, zegt hij.

Thode is het eens met de stelling van Willem. “Dit tast ons aan in onze culturele waarden. We worden langzaam maar zeker killer. Ikke ikke en de rest mag stikken. Dat is overgewaaid vanuit Nederland”, zegt ze.

‘Geen vertrouwen in de overheid’
Willem vindt dat er stappen zijn gezet, maar ook taken blijven liggen. Zoals verbetering van de infrastructuur en de sociale voorzieningen. “Er is nog geen duidelijke sociaal-economische richting en de armoede is niet afgenomen.”

Bij Thode overheerst het gevoel van ontevredenheid en zij vindt dat de lokale overheid hier schuld aan heeft. “Die laat zich alles opleggen door Nederland en komt niet op voor de rechten van de Bonairiaan.” Ze dat er weer een referendum moet komen.

Nos ke Boneiru Bèk tijdens een protest in mei 2016. Archieffoto: Janita Monna

Finies vergelijkt de positieve veranderingen op Bonaire met de slaventijd. ”Na de opstand van Tula in 1795 zijn de slaven ook vooruit gegaan, ze hoefden niet meer geforceerd te werken op zondag, maar ze bleven slaven.”

‘De ontmanteling van de Antillen heeft ons verzwakt’
Volgens Thode moeten de eilanden in het Koninkrijk zich juist verenigen om sterker te zijn. “We worden door Nederland uit elkaar gehaald om ons juist te verzwakken.”

Op de vraag of ze zou kiezen voor huidige structuur antwoord ze ontkennend. “Ik kan nooit kiezen voor een systeem die mij onderdrukt als Bonairiaan”. Willem sluit zich hierbij aan. “We hebben de klok teruggedraaid in het proces van emancipatie.”

Minderheidsgroep
Finies vreest voor het verdwijnen van de Bonairiaan. “Het Bonairiaanse volk is nu de minderheidsgroep; minder dan 40 procent. In 2030 zal minder dan 1/3 deel van de bevolking van Bonaire”, zegt Finies. Cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek bevestigen dit: bijna 9 op de 10 nieuwe inwoners Bonaire is migrant.

De Nederlandse en de Bonairiaanse vlag

‘Ondanks gevecht met Nederland toch weer stemmen voor de huidige status’

Ook gedeputeerde (wethouder) van Sociale Zaken Nina den Heyer en Ben Oleana, directeur Sociale Woningbouw, erkennen de worsteling met de status van Bonaire als bijzondere gemeente. Toch zouden ze er weer op stemmen. Lees meer hier: 10 jaar na 10-10-’10: ‘Bonairiaan merkt nu pas positieve veranderingen’