kop

Eerste Kamer redt de BES

Is er nog respect voor de bevolking van Bonaire?

Een ruime meerderheid in de Tweede Kamer schaart zich achter de wijze waarop de regering de staatskundige positie van Bonaire, Sint Eustatius en Saba in de grondwet wil verankeren. Dat bleek dinsdagavond 9 oktober 2012 tijdens de plenaire behandeling van het wijzigingsvoorstel waarover op 23 oktober wordt gestemd. De zwaarste kritiek kwam van de Christen Unie en de Partij voor de Vrijheid. Gert-Jan Segers (CU) vindt dat Nederland de afspraak met de eilanden moet nakomen om de grondwet pas na de evaluatie in 2025 aan te passen en dat zij ook onvoldoende zijn geconsulteerd.

Onze fractie is niet tegen een nieuwe grondwetbepa­ling, maar die op­lossing moet wel duurzaam zijn en een voorstel daartoe kan alleen worden ge­daan na een deugdelijke con­sultatie. De eilanden geven aan dat dit niet de goede stap is. toch zet het kabinet door. Het laat iets zien van de ongelijke en soms ronduit ongemakke­lijke verhoudingen binnen het Koninkrijk. Het versterkt het gevoel op de eilanden dat wij bier over hen, maar zonder hen beslissen, en dat er soms zelfs sprake is van eersterangs- en tweederangsburgers. Dat is funest voor de 'goede verhoudin­gen."

Segers heeft ook zijn twijfels over de zogeheten 'differentia­tiebepaling' waarmee het ver­schil in bijvoorbeeld het voor­zieningenniveau (zoals uitke­ringen) met Europees Nederland grondwettelijk wordt gelegitimeerd. Hij dien­de daarom een amendement in om ,,de gelijkwaardigheid van onze medeburgers in het Cari­bisch deel van Nederland te be­nadrukken." Hij deed tenslotte een dringend beroep op mi­nister Liesbeth Spies van Binnenlandse Zaken en Ko­ninkrijksrelaties de wetswijzi­ging op te schorten tot na de evaluatie.

Niet opschorten maar er he­lemaal van af zien, dat bepleitte Sietse Fritsma (PVV): ,,Het is het beste wanneer Nederland afscheid neemt van de overzeese gebiedsdelen, ook van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Op grond hiervan heeft de PVV-fractie geen behoefte aan een grondwetswijziging waarmee de staatkundige posi­tie van de BES-eilanden in de grondwet wordt verankerd. Er is een evaluatie voorzien op grond waarvan gekozen wor­den voor alternatieven. Het is zaak dat er nog ruimte is voor alternatieven zoals volledige soevereiniteit van die eilanden. De PVV-fractie is van mening dat die ruimte door onderhavig wetsvoorstel te veel wordt be­perkt. Vandaar dat het wets­voorstel niet op de steun van de PVV-fractie kan rekenen.

De overige partijen zullen la­ter deze maand voor stemmen. - Dat betekent niet dat zij hele­maal geen bedenkingen heb­ben. De grondwetswijziging is mede bedoeld om te regelen dat inwoners van Caribisch Nederland via de eilandsraden indirect stemrecht krijgen bij de verkiezing van de Eerste Ka­mer. Daarbij doet zich echter een dilemma voor ten aanzien van de inwoners die geenkomen dat niet-Nederlanders invloed - hoe minimaal dan ook is - krijgen op de samenstelling van de Senaat. Maar dat kan al­leen als deze groep het stem­recht voor de eilandsraden wor­den ontnomen.

Het debat van dinsdagavond maakte nog eens duidelijk hoe­zeer daarmee in politiek Den- Haag wordt geworsteld. Met grote tegenzin moest de Kamer het toestaan dat Spies de kwestie doorschuift naar een volgend kabinet.

Wassila Hachchi (D66) diende een amendement in om de mogelijkheid open te hou­den om de benoemingsproce­dure in overleg met de eiland­besturen te moderniseren. Nu wordt de gezaghebber nog be­noemd per Koninklijk Besluit. D66 wil dat met vastgelegd hebben in de grondwet. Ook sprak zij haar bevreemding er over uit dat de benoeming met geschiedt op voordracht van de eilandsraad.

Hachchi diende voorts een motie in om af te dwingen dat er net als voor het Fries gebeurt een wettelijke regeling komt voor het Papiaments en het En­gels. ,,Het kan niet de bedoe­ling zijn om vrolijk door te wer­ken aan het Fries, terwijl het Papiaments en het Engels blijven liggen. Hoe en wanneer krijgen deze talen alsnog op de­zelfde manier een plek?" Het D66-Kamerlid eindigde met een citaat uit een brief van de Eilandsraad van Saba: 'Het ge­voel dat wij toch niet echt bij Nederland horen willen wij graag veranderd zien in het ge­voel echt bij Nederland te ho­ren'. „D66 ziet graag dat het gevoel dat Den Haag niet luistert verandert in het gevoel dat Den Haag in ieder geval de zorgen en problemen van de ei­landen hoort en daar waar mo­gelijk rekening mee houdt."

Waar anderen hun vraagte­kens plaatsen bij de 'differenti­atiebepaling' juichte VVD'er Foort van Oosten die juist toe: ,,Bevestigd wordt dat er funda­mentele verschillen zijn tussen het Europese deel van Neder­land en de BES-eilanden en dat er dus ook verschillende maat­regelen getroffen moeten wor­den, juist vanwege die econo­mische en sociale omstandig­heden waarin die eilanden zich nu eenmaal wezenlijk onder­scheiden. Dit staat overigens ook al in het Statuut vermeld. Het is dus alleen maar logisch om het ook in de grondwet op te nemen."

Van alle fracties is de VVD ook het felst tegen de mogelijk­heid dat de stemmen van niet­ Nederlanders medebepalend op ons nationaal gevoerd be­leid, met name niet op ons bui­tenlands beleid en ons defen­siebeleid."

Pierre Heijnen (PvdA) licht­te toe waarom zijn partij van mening is veranderd: ,,Eerder dachten wij dat het wijs zou zijn om te wachten tot na 2015, maar ons is gebleken dat geen wijziging noodzakelijk is in­dien de eilanden op basis van de evaluatie voor een ietwat an­dere status zouden kiezen, bij­voorbeeld die van gemeente. Nu er verkiezingen geweest zijn en de eerstvolgende verkie­zingen, zonder vervroegde ver­kiezingen, pas in 2017 plaats­vinden, is er na de evaluatie in 2015 alle tijd om te handelen. Vandaar dat wij over onze aar­zeling heen zijn gestapt." Heij­nen doelde daarmee op het feit dat voor grondwetswijzigingen twee lezingen nodig zijn. Pas na volgende verkiezingen kan een definitief besluit worden genomen waarvoor bovendien een twee derde meerderheid nodig is.

De PvdA'er zei te hopen een volgend kabinet er in slaagt een list te verzinnen om het dilem­ma van het kiesrecht voor niet­ Nederlanders op te lossen. Maar: ,,Voor de Partij van de Arbeid is het niet denkbaar dat 5 procent van de inwoners van Bonaire, 20 procent van de in­woners van Sint Eustatius of 20 procent van de inwoners van Saba met zouden kunnen meebeslissen over hun eilands­raad. Mochten wij met het mes op de keel voor de keuze ge­steld worden, dan weegt het be­lang van die inwoners zwaarder dan het effect van die 0,01 procent op de samenstel­ling van de Eerste Kamer."

Madeleine van Toorenburg (CDA) vroeg aandacht voor het draagvlak bij de bevolking van de eilanden: ,,Wetten zijn er om mensen te dienen en niet andersom. We mogen daarom niet wegkijken van de bezwa­ren van de Caribische Neder­landers. Zij hebben het gevoel onze grondwet in te worden ge­rommeld nog voordat van een evaluatie van de staatkundige situatie sprake is. Zie daar maar weer eens uit te komen, zo klinken de bezwaren. Het draagvlak begint hier en daar toch een beetje af te brokkelen. De regering heeft geschreven dat dit geen voorsorteren is op het staatkundige eindmodel en dat hierna nog ieder model openstaat. Hier draait het om. Dit is de kern. Kan de minister dat nog eens in heel duidelijke taal uiteenzetten? Dat is vol­gens de CDA-fractie van groot belang. Dat zijn we beslist ver­plicht aan de mensen die dit het meest aangaat."

Ronald van Raak (SP) noem­de het opvallend dat bij het ma- ken van onderscheid tussen Europees en Caribisch Neder­land wel sociaaleconomische redenen worden gehanteerd

maar geen sociaal-culturele verschillen. ,,Ik weet dat op de eilanden heel anders wordt ge­dacht over zaken als euthana­sie, abortus en homohuwelijk. Ik vind dat de eilanden, die im­mers onderdeel zijn van Neder­land, zich ook op dit gebied moeten aansluiten bij de Nederlandse wet. Ik ben heel blij om te zien dat het bestuur en de bewoners van de eilan­den daartoe bereid zijn. Dat is voor veel van deze mensen echt een heel grote stap die soms heel diep ingrijpt in hun gewe­ten."

,,In deze Kamer is een aantal partijen dat nog grotere haast wil maken en nog grotere druk wil zetten op de bewoners. Is de minister het met mij eens dat emancipatie een proces is dat ook van onderaf moet ko­men? Is zij bereid, de bewoners van Bonaire, Saba en Statia vol doende tijd te geven om deze grote stap te maken?", aldus Van Raak die in het verlengde daarvan het feit hekelde dat Den Haag dualisme opdringt aan de eilanden. ,, Ik geloof dat er nu cursussen worden gege­ven op de eilanden. Dualisme op een eiland van 1.500 men­sen is flauwekul, echt flauwekul. Dat geldt ook voor Statia en Bonaire. Waarom moet daar dualisme worden ingevoerd? Als er vijf mensen aan tafel zit- ten en op cursus moeten om dualistje te leren spelen dan is dat gewoon te gek voor woor­den."

Minister Spies benadrukte dat er met de grondwetswijzi­ging niet wordt 'voorgesor­teerd' op de uitkomsten van de evaluatie m 2015. Van de ver­meende ongelijkheid zei ze: „Dit heeft tot gemengde gevoe­lens op de eilanden heeft ge­leid. Dit is niets anders, niet groter en niet kleiner, dan het verhuizen van een bepaling uit het Statuut naar de grondwet. Ik kan niet genoeg benadruk­ken dat dit het gelijkheidsbe­ginsel, artikel i van de grond­wet, onverlet laat. Daar kan ab­soluut geen misverstand over bestaan. Het gelijkheidsbegin­sel is in artikel i van onze grondwet verankerd."

De differentiatiebepaling was in het Statuut verankerd en wordt nu in onze grondwet ver­ankerd. Daarmee verandert dus de plek waar die bepaling is opgenomen, onder volledige instandhouding van artikel i, het gelijkheidsbeginsel. Dit sluit aan bij de aanbevelingen die het College van de Rechten van de Mens heeft gedaan", al­dus Spies die er aan toevoegde dat de Ministerraad bij elk be­sluit expliciet stilstaat bij de vraag of deze consequenties hebben voor de eilanden: „Zijn ze van toepassing of niet? Waarom wel of waarom niet?"

Het debat werd - vanuit de voorzittersloge' - bijgewoond door de gedeputeerden Burney el Hage, James Kroon (beiden Bonaire), Chris Johnson (Saba) en Glenn Schmidt (Sint Eusta­tius). 20 procent van de inwoners van Saba met zouden kunnen meebeslissen over hun eilands­raad. Mochten wij met het mes op de keel voor de keuze ge­steld worden, dan weegt het be­lang van die inwoners zwaarder dan het effect van die 0,01 procent op de samenstel­ling van de Eerste Kamer." Madeleine van Toorenburg (CDA) vroeg aandacht voor het draagvlak bij de bevolking van de eilanden: ,,Wetten zijn er om mensen te dienen en niet andersom. We mogen daarom niet wegkijken van de bezwa­ren van de Caribische Neder­landers. Zij hebben het gevoel onze grondwet in te worden ge­rommeld nog voordat van een evaluatie van de staatkundige situatie sprake is. Zie daar maar weer eens uit te komen, zo klinken de bezwaren. Het draagvlak begint hier en daar toch een beetje af te brokkelen. De regering heeft geschreven dat dit geen voorsorteren is op het staatkundige eindmodel en dat hierna nog ieder model openstaat. Hier draait het om. Dit is de kern. Kan de minister dat nog eens in heel duidelijke taal uiteenzetten? Dat is vol­gens de CDA-fractie van groot belang. Dat zijn we beslist ver­plicht aan de mensen die dit het meest aangaat." Ronald van Raak (SP) noem­de het opvallend dat bij het ma- ken van onderscheid tussen Europees en Caribisch Neder­land wel sociaal economische maar geen sociaal-culturele verschillen. ,,Ik weet dat op de eilanden heel anders wordt ge­dacht over zaken als euthana­sie, abortus en homohuwelijk. Ik vind dat de eilanden, die im­mers onderdeel zijn van Neder­land, zich ook op dit gebied moeten aansluiten bij de Nederlandse wet. Ik ben heel blij om te zien dat het bestuur en de bewoners van de eilan­den daartoe bereid zijn. Dat is voor veel van deze mensen echt een heel grote stap die soms heel diep ingrijpt in hun gewe­ten."

,,In deze Kamer is een aantal partijen dat nog grotere haast wil maken en nog grotere druk wil zetten op de bewoners. Is de minister het met mij eens dat emancipatie een proces is dat ook van onderaf moet ko­men? Is zij bereid, de bewoners van Bonaire, Saba en Statia vol doende tijd te geven om deze grote stap te maken?", aldus Van Raak die in het verlengde daarvan het feit hekelde dat Den Haag dualisme opdringt aan de eilanden. ,, Ik geloof dat er nu cursussen worden gege­ven op de eilanden. Dualisme op een eiland van 1.500 men­sen is flauwekul, echt flauwekul. Dat geldt ook voor Statia en Bonaire. Waarom moet daar dualisme worden ingevoerd? Als er vijf mensen aan tafel zit- ten en op cursus moeten om dualistje te leren spelen dan is dat gewoon te gek voor woor­den."

Minister Spies benadrukte dat er met de grondwetswijzi­ging niet wordt 'voorgesor­teerd' op de uitkomsten van de evaluatie m 2015. Van de ver­meende ongelijkheid zei ze: „Dit heeft tot gemengde gevoe­lens op de eilanden heeft ge­leid. Dit is niets anders, niet groter en niet kleiner, dan het verhuizen van een bepaling uit het Statuut naar de grondwet. Ik kan niet genoeg benadruk­ken dat dit het gelijkheidsbe­ginsel, artikel i van de grond­wet, onverlet laat. Daar kan ab­soluut geen misverstand over bestaan. Het gelijkheidsbegin­sel is in artikel i van onze grondwet verankerd."

De differentiatiebepaling was in het Statuut verankerd en wordt nu in onze grondwet ver­ankerd. Daarmee verandert dus de plek waar die bepaling is opgenomen, onder volledige instandhouding van artikel i, het gelijkheidsbeginsel. Dit sluit aan bij de aanbevelingen die het College van de Rechten van de Mens heeft gedaan", al­dus Spies die er aan toevoegde dat de Ministerraad bij elk be­sluit expliciet stilstaat bij de vraag of deze consequenties hebben voor de eilanden: „Zijn ze van toepassing of niet? Waarom wel of waarom niet?"

Het debat werd - vanuit de voorzittersloge' - bijgewoond door de gedeputeerden Burney el Hage, James Kroon (beiden Bonaire), Chris Johnson (Saba) en Glenn Schmidt (Sint Eusta­tius).

Bron:  AD 11-10-12

 ---------------------------------------------------------------------------

 

Hieronder kunt u de reacties van de partijen lezen die wij begin dit jaar stelden aan de kamerleden.

De redactie van BanBoneiruBek krijgt veel van dit soort verontruste emails van Bonaireanen.

Grondwetswijziging voor- of nadeel voor BES?

De vraag is:

"Wat betekent het voorstel van de wijziging in de grondwet voor de BES eilanden".

De bevolking van de BES eilanden willen precies weten hoe de kaarten op dit moment liggen, want het gaat hun allen aan. Het is namelijk de toekomst van de eilanden waarover beslist wordt. De bevolking dacht dat we pas na 5 jaar een evaluatie zouden krijgen en dat dan pas over deze materie nagedacht moet worden. Zij begrijpen de haast niet.

Daarom heeft de redactie van BBB deze vraag per e-mail doorgespeeld naar alle commissieleden van KoninkrijksRelaties in de Tweede Kamer.

Documentatie: deel

Ter informatie:

Besluitenlijst

De tekst luidt:

Geacht Kamerlid,

Lid van de commissie Koninkrijksrelaties,

Onze stichting heeft een missie gericht op Bonaire:

Een welvarende samenleving creëren door middel van evenwichtige opbouw met mensen die het eiland een warm hart toedragen en een duurzame bijdrage kunnen en willen leveren. 

De Nederlandse regering wil de status van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba wijzigen in de grondwet.

Hiudige Grondwet Art. 1 
Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan. 

Er zijn partijen in de Tweede Kamer die zich zeer kritisch uitgelaten hebben over het voorstel van de regering om de grondwet te wijzigen.

De Tweede Kamer zal hierover beslissen. De ingezetenen van de eilanden Bonaire, Statia en Saba zijn bezorgd en willen het standpunt weten van alle partijen in de Tweede kamer.

VVD/PvdA/CU/PvD/PVV/D66/GL/SP/CDA/SGP

Welk standpunt kiest uw partij?

Onze partij wil de grondwet wijzigen voor de BES eilanden.

*      Mee eens

*      Niet mee eens

*      nog geen standpunt, zie toelichting

Toelichting:

...........................................................................

Antwoorden in volgorde van binnenkomst:

 

1. ChristenUnie

De ChristenUnie is niet mee eens met de stelling. Daarnaast heeft mijn fractie veel moeite met een permanente differentiatieclausule in de Grondwet. Hiermee wordt artikel 1 van de Grondwet voor de eilanden min of meer buiten spel gezet. Daarnaast is er afgesproken dat wij eerst na 5 jaar zouden evalueren. Vervolgens zou in overleg met alle betrokkenen (dus ook de bevolking) vastgesteld worden wat het eindmodel zal worden. Dan pas zou een eventuele grondwetswijziging aan de orde komen. Wat er nu gebeurt heeft te maken met een motie die door de Kamer is aangenomen die de regering opriep om zo snel mogelijk met een grondwetwijziging te komen.

2. D66

Ik krijg de indruk dat jullie niet helemaal helder hebben wat dit voorstel beoogt. Dit wetsvoorstel heeft juist tot doel de staatkundige positie van Bonaire, Sint Eustatius en Saba in de Grondwet vast te leggen. Deze positie is nu namelijk nog onvoldoende duidelijk. Ik kom hier zo op terug. Door de inwerkingtreding van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen op 10 oktober 2010 is de toetreding van Bonaire, Sint Eustatius en Saba tot het staatsbestel van Nederland een feit en is de Grondwet in haar geheel van toepassing op deze eilanden. De volgende stap is dan dat voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba in de Grondwet een constitutionele basis wordt opgenomen die een bijzondere vorm van lokaal bestuur mogelijk maakt: territoriale openbare lichamen die niet provinciaal zijn ingedeeld en waarvoor afwijkende regels kunnen worden gegeven.

Artikel 134 van de Grondwet fungeert nu als grondslag voor de instelling van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Het artikel is echter niet met het oog op territoriale openbare lichamen met een algemene bestuursopdracht geschreven. Het bevat geen grondwettelijke waarborgen die kenmerkend zijn voor en tevens zijn voorbehouden aan de territoriaal gedecentraliseerde bestuurslichamen die de Grondwet kent: gemeenten en provincies. De wetgever heeft bij de instelling van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba voorzieningen getroffen welke in de Grondwet tot nu toe zijn voorbehouden aan gemeenten en provincies. Het is wenselijk aan deze voorzieningen een basis in de Grondwet te geven.

De openbare lichamen hebben net als gemeenten een algemene, niet tot bepaalde belangen beperkte bestuursopdracht (een open huishouding), een rechtstreeks gekozen volksvertegenwoordiging en een eigen belastinggebied. Ook hun inrichting komt op hoofdpunten overeen met die van de gemeente, waarbij sprake is van drie hoofdorganen: de eilandsraad, het bestuurscollege en de gezaghebber. Dit alles is in de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba vastgelegd.

Waar de inbreng van de D66 kritisch over is geweest, is de ongelijkheid die ontstaat voor inwoners van de BES-eilanden zonder een Nederlands paspoort. Wij stellen vast dat, tenzij niet-Nederlanders in het Europese gedeelte ook kiesrecht toegekend krijgen voor de provinciale staten, er altijd ongelijkheid zal blijven bestaan tussen niet-Nederlanders op de BES-eilanden en niet-Nederlanders in Europa. Dit uiteraard wegens het ontbreken van een provinciale bestuurslaag op de BES-eilanden. Zoals de Raad van State terecht in haar advies heeft vastgesteld, zijn er twee situaties denkbaar. Aan de ene kant kunnen niet-Nederlanders op de BES-eilanden actief en passief kiesrecht krijgen voor de eilandsraad. Dit heeft tot gevolg dat deze groep niet-Nederlanders indirect invloed uitoefent op de samenstelling van de Eerste Kamer. De groep niet-Nederlanders woonachtig in het Europees deel kunnen alleen stemmen voor de gemeente en kunnen dus geen invloed uitoefenen op de samenstelling van de Eerste Kamer. Aan de andere kant kunnen niet-Nederlanders op de BES-eilanden geen actief en passief kiesrecht toegekend krijgen voor de meest nabije bestuurslaag, te weten de eilandsraad. Dit mogen niet-Nederlanders op het Europese vasteland echter wel. Wij hebben de regering gevraagd hun keuze om deze ongelijkheid in stand te houden te motiveren.

3. VVD

We hebben nog een aantal vragen ingediend voor het verslag en zijn in afwachting van de antwoorden daarop.

4. GroenLinks

Graag lichten wij u via deze email in over ons standpunt inzake Grondwetswijziging 33131.

GroenLinks heeft zich in de afgelopen jaren ten volle ingezet voor verbetering van de levensomstandigheden van de Caribische Nederlanders.

Tot 10 oktober 2010 hoorden Bonaire, Sint Eustatius en Saba bij het Land Nederlandse Antillen. Vanaf die datum is Caribisch Nederland een integraal onderdeel van het Land Nederland. Nu is het de grote uitdaging de bewoners van de BES-eilanden de voordelen ervan te laten ondervinden.

Er moet enorm veel gebeuren om de materiële en immateriële levensomstandigheden in Caribisch Nederland op peil te krijgen.

GroenLinks levert daar een wezenlijke bijdrage aan. In het recente verleden is mede dankzij de inzet van GroenLinks bijvoorbeeld de verontreiniging van de onvervangbare koraalriffen van Bonaire tegengegaan. En GroenLinks zet zich ervoor in dat sociale voorzieningen zoals kinderbijslag en de bijzondere bijstand voor alle Nederlanders, dus expliciet ook voor de inwoners van Caribisch Nederland, toegankelijk zijn. Het is onaanvaardbaar dat in de afgelopen maanden de inflatie gierend uit de bocht is gevlogen, met alle gevolgen voor de stijgende kosten van levensonderhoud. Tot slot bepleit GroenLinks een wezenlijke verbetering van het plaatselijke openbare bestuur.

De Grondwetswijziging regelt dat de bijzondere status van de BES-eilanden in het Land Nederland wettelijk verankerd wordt. De bepaling dat met het oog op de bijzondere omstandigheden ter plaatse afgeweken kan worden van de gebruikelijke regels ziet GroenLinks vooral als een aanmoediging van de Nederlandse overheid om de plaatselijke levensomstandigheden wezenlijk te verbeteren.

SP

  • Geen antwoord
  • H. van Bommel, email niet gelezen, verwijst naar woordvoerder Ronald Raak

PvdA

  • Geen antwoord
  • F. Timmermans, email niet gelezen, weggegooid

CDA

  • Geen antwoord

PVV

  • Geen antwoord

PvD

  • Geen antwoord

SGP

  • Geen antwoord