Migratie op de Nederlandse Antillen bijna in balans

 

Het aantal Antillianen en Arubanen dat in de eerste helft van dit jaar naar Nederland is geëmigreerd, is vrijwel in evenwicht met het aantal remigranten. In de eerste zes maanden vertrokken 1.310 eilanders en keerden er 1.127 terug. Een emigratieoverschot van slechts 183.

In dezelf­de periode vorig jaar was het aantal emigranten een fractie hoger (1.377) en het aantal remigranten een fractie lager (1.013). Dit blijkt uit zojuist door het Nederlandse Centraal Bu­reau voor de Statistiek (CBS) vrijgegeven cijfers over het migratieverkeer tussen enerzijds de Neder­landse Antillen en Aruba en anderzijds Nederland. De cijfers hebben uitslui­tend betrekking op mi­granten die op de eilanden zijn geboren en worden dus niet vertekend door migrerende Europese Ne­derlanders of vreemdelin­gen die via de Antillen en Aruba naar Europa verhui­zen en vice versa. Het CBS maakt geen onderscheid naar de afzonderlijke ei­landen, maar vast staat dat het overgrote deel van de landverhuizers Curaçaoënaar is.

 

EMIGRATIE NAAR NL

REMIGRATIE

VERTREKOVERSCHOT

1995

3.341

3.065

285

1996

3.845

2.471

1.374

1997

4.751

2.085

2.666

1998

7.590

1.899

5.691

1999

8.813

1.959

6.854

2000

10.167

1.867

8.300

2001

8.310

2.293

6.017

2002

5.992

2.824

3.368

2003

4.273

3.614

659

2004

3.043

3.940

-897

2005

2.411

3.727

-1.316

2006

2.693

3.090

-397

2007

3.187

2.590

597

2008

3.870

2.455

1.415

2009

4.040

2.383

1.657

Bron: CBS. Cijfers hebben betrekking op migranten die geboren zijn op de Nederlandse Antillen of Aruba.

De cijfers over 2008, 2009 en 2010 laten in tegenstelling tot de jaren daarvoor een opmerkelijk stabiel beeld zien.

Van 1995 tot en met 2003 was er sprake van een emigratieoverschot met als hoogtepunt het jaar 2000 met meer dan tienduizend vertrek­kers. In 2004, 2005 en 2006 waren er meer remigranten dan emigranten. Wat terugkeerders betreft, was 2009 het topjaar (3.940). Sinds 2007 is er weer sprake van een vertrekoverschot. Daarna is het beeld stabiel met jaarlijks circa 4.000 emigranten en ongeveer 2.500 remigranten. Afgaande op de cijfers over de eerste twee kwartalen zal heel 2010 daar niet veel van afwijken. In de maanden juli en (vooral) augustus pakken traditiege­trouw de meesten hun koffers, een verschijnsel dat te maken heeft met de jaarlijkse uittocht van bursalen en gezinnen met kinderen die de schoolvakantie benutten om te verhuizen. De remigratie kent gedurende het jaar nauwelijks pieken en dalen. Van de Antillianen en Arubanen die sinds 1972 naar Nederland zijn geremigreerd, is 45 procent teruggekeerd. Uit onderzoek blijkt voorts dat - naast studie - de kans op het vinden van (pas­send) werk voor Antillianen en Arubanen het belangrijkste mo­tief voor emigratie is. Een kwart geeft dat aan als hoofdreden.

Door René Zwart

Bron: Antilliaans Dagblad